Lijden is…

Lijden is…

… Fysiek en mentaal gemarteld worden
… Huilen en schreeuwen van ellende
… Gepijnigd worden, verder dan ik kan
… Vernederd worden tot ik niks meer ben
… Genomen en gebruikt worden
… Zelf niet meer relevant zijn
… Gebruikt worden als een voorwerp
… Enkel bestaan voor hem of haar
… Gedwongen worden tot wat ik niet wil
… Mijn grenzen voorbij gaan
… Binnenste buiten gekeerd worden
… Gestript worden tot mijn kern
… Een weg naar complete overgave
… Waarin ik mijn genot vind
… Wat ik nodig heb
… Waar ik naar verlang

Advertisements

Een bijzonder stel – Schrijfmarathon ronde 6

Iedereen weer heel erg bedankt voor het stemmen. Ik kan gelukkig melden dat ik met een derde plaats wederom door ben naar de volgende ronde 🙂

Waar ik de vorige keer zelf niet tevreden was over mijn inzending, was dat dit keer gelukkig beter. Ik was zeer tevreden en stond 100% achter mijn eigen inzending. Het lastige bij dit thema vond ik dat ik al een keer een stuk had geschreven dat zich afspeelde op een terras. Ik moest dan ook eerst alle ideeën die veroorzaakt werden door mijn vorige schrijfsel proberen los te laten. Daarnaast wilde ik niet een standaard terras fantasie schrijven. Originaliteit was dan ook mijn grootste uitdaging. Toen ik echter eenmaal wist waar ik heen wilde, rolde het verhaal zo uit mijn pijn. Het enige waar ik mij nog een beetje zorgen over maakte was de vraag of het perspectief (ik en in het heden) niet te veel zou verraden dat het van mij was. Groot was dan ook mijn verrassing toen bleek dat echt iedereen hetzelfde perspectief had gekozen. Wat mij op dat vlak dan ook weer geruststelde…

Al maakt het voor @bharry toch niet uit welk perspectief ik kies, want ik ben hem weer een drankje schuldig. Nog even en ik kan op de munch zijn hele rekening betalen :-p

Hier vind je de complete uitslag.

En voor wie het heeft gemist, dit keer kregen we de volgende opdracht.

Ergens op een terrasje op een zomerse avond…
Maximale lengte: 750 woorden

Een bijzonder stel

Net als elke zaterdagavond, deze zomer, neem ik plaats op het terras van mijn favoriete café. Ik geniet van mijn glas rosé, terwijl ik mijn pen en notitieblok op tafel leg. Met een glimlach bestudeer ik de mensen om mij heen. Geen fijnere plek om als schrijfster inspiratie op te doen, dan op dit terras.
Links voor me zit een jonge man, ik schat hem midden twintig, strak in pak. Ik stel me voor dat hij op zijn vriendin wacht. Een tafeltje verder zit een oude vrouw hardop te mopperen op de jeugd van tegenwoordig, terwijl een groep jongeren luid pratend langsloopt.
Mijn ogen dwalen verder en blijven hangen bij een stel van een jaar of vijftig. Waar ik vroeger, als tiener, vijftig heel oud vond, weet ik inmiddels wel beter. Ik zie het ook aan hen. Ze stralen jeugdigheid uit. Beiden duidelijk vol genot en levenslust. Zij lacht hartelijk om zijn grapjes en ik zie zijn pretoogjes als hij naar haar kijkt. Gewoon een stralend verliefd het stel, zo lijkt het. Naarmate ik mijn ogen echter vaker op hen laat vallen, zie ik steeds meer details die iets af lijken te wijken van andere stellen. Los van elkaar misschien weinig opvallend, maar samen schetsen de details voor mijn ogen een bijzonder koppel.
Zij draagt hoge hakken en een strak kort leren rokje, waaronder duidelijk te zien is dat ze kousen draagt. Haar bh is subtiel zichtbaar onder haar witte blouse. Ze draagt een strakke ketting, het lijkt wel rvs, met een ringetje er aan. Waarbij ik het gevoel heb dat er iets ontbreekt, alsof er iets aan had moeten hangen. Zijn kleding is niet echt opvallend. Een simpel zwart t-shirt en een zwarte jeans. Toch blijven mijn ogen ook bij hem even hangen. Aan het lusje van zijn leren riem zit een ketting vast geklikt, waarvan het uiteinde verdwijnt in zijn broekzak. In mijn fantasie stel ik me voor dat die ketting vast zit aan het lege ringetje bij de hals van de vrouw. Hoe hij zo met haar, aan de lijn, hun huis heeft verlaten en uit wandelen is geweest. Hoe ze genoot van het gevoel en de spanning die de ketting haar geeft. Hij heeft haar waarschijnlijk pas los gemaakt, vlak voor ze hier op het terras zijn gaan zitten.
Ik zie hoe hij zijn menukaart uitgebreid bestudeerd, maar dat zij de hare niet aan raakt. Ze kijkt er niet eens naar. Ze kijkt enkel naar de man en lijkt te wachten tot hij een beslissing heeft genomen. Als hij knikt, wenkt ze de serveerster die haar vragend aankijkt. Het is echter de man die het woord neemt en voor hen beiden iets te drinken bestelt. Terwijl ze wachten op hun bestelling, pakt hij haar subtiel bij haar haren en trekt haar naar zich toe om haar te kussen. Gewoon een speelsgebaar, lijkt het, maar in haar blik zie ik dat ze heel even pijn moet verbijten. Niet veel later worden hun glazen gebracht. Zij gewoon water, maar hij een glas rode wijn. Ik zie hoe hij een slok neemt, maar deze niet doorslikt. In plaats daarvan wenkt hij haar en geeft haar een innige kus. Ik stel me voor hoe de wijn, met behulp van hun tongen, door hun monden danst en hoe zij op deze manier ook van de smaak mag genieten.
Opeens besef ik dat ik ben weggedroomd bij het schouwspel van hun interactie. Mijn pen en notitieboekje liggen nog onaangeraakt op tafel en ook mijn glas rosé ben ik na de eerste paar slokken compleet vergeten. Terwijl ik een slok neem, en besef dat de rosé inmiddels niet meer heerlijk koel is, is de man opgestaan. Verschrikt sla ik mijn blik neer, als ik zie dat hij vastberaden naar mijn tafeltje loopt.
“Hallo dame, die zo gefascineerd naar ons zat te kijken.” Ik heb mij zelden zo betrapt gevoeld, als bij het horen van die woorden en ik voel hoe ik langzaam rood word, terwijl ik me afvraag wat hij van me wil.
“Als je wilt, mag je wel bij ons komen zitten. Dan kun je ontdekken of wat je net allemaal over ons hebt bedacht klopt… en wie weet mag je er dan zelf ook wel even van proeven.” Hij knipoogt naar me, terwijl hij de woorden spreekt. Even vraag ik me af wat me bezielt als ik besef dat ik, terwijl hij nog aan het praten was, al was opgestaan.

Het verhaal van marijn: 10 slagen

Ik lig heerlijk tegen je aan op je grote bed. Ik geniet er van jouw lichaam tegen het mijne te voelen. Ik geniet van het knuffelen en kussen en strelen. Elke aanraking voelt als een verwennerij en doet me verder zweven. Tot je besluit, met slechts enkele woorden, de roze wolk waarin ik mij bevind door te prikken.
“Ik ga je slaan,” zeg je opeens, uit het niets.
Ik moet even slikken als je ze uitspreekt. Het liefst zou ik je willen zeggen, willen vragen, om het niet te doen. Ik zat op zo’n andere plek met mijn hoofd, dat ik me afvraag of ik nu instaat ben te ondergaan wat je van me gaat vragen. Ik zwijg echter, omdat ik weet dat, wat ik ook zeg, geen invloed zal hebben op je beslissing. Dit is waarin ik heb toegestemd. Ik heb mijzelf aan jou gegeven om te gebruiken op elke manier en op elk moment dat jij dat wilt. Dus ook vandaag, ook vanavond, nu, op dit moment. Hoewel ik het gevoel van net niet helemaal kwijt raak, daarvoor was het te heerlijk, helpt dit besef mij om in elk geval, deels, in de juiste mind-set te komen en mij open te stellen voor wat er gaat komen. Om mij over te geven aan jou en jouw wensen.

Je staat op van het bed en verlaat de kamer, terwijl ik de zenuwen in mij voel toenemen. Ik vraag me af wat je precies van plan bent, maar het duurt niet lang voor je terug bent en ik antwoord krijg op mijn vraag. In je hand heb je een stevige leren plak. Eentje waarvan je weet dat ik hem verschrikkelijk vind. Bij het zien er van, wil ik me automatisch op mijn buik draaien, zodat mijn kont beschikbaar word. Nog voor ik me heb omgedraaid, hou je me echter tegen. Ik moet op mijn rug blijven. Ik heb het idee dat ik wit weg trek, als je mij, vervolgens, opdraagt om mijn benen te spreiden. Ik word bijna misselijk van angst, nu ik steeds meer besef wat je van plan bent.
“Blijf je keurig zo liggen of moet ik je vast maken?” vraag je me bijna emotieloos.
Het liefst wil ik je zeggen dat ik niet vast hoef en dat ik keurig zal blijven liggen. Gewoon omdat ik dat, het fijnste vind. Ik weet echter dat het een leugen zou zijn als ik de woorden uit zou spreken en dus zwijg ik. Niet in staat en te bang om een antwoord te geven. Gelukkig wacht je dit keer ook niet op mijn reactie en besluit je zelf om mij vast te maken. Eerst maak je mijn polsen met boeien en kettingen vast aan de hoeken van het bed, om vervolgens met mijn enkels hetzelfde te doen. Daar lig ik. Uitgespreid, open en beschikbaar, klaar om te ondergaan wat je van mij verlangt. Zo klaar als ik tenminste kan zijn, met de angst die door mijn hoofd en lichaam gaat. Angst voor de verschrikkelijke, helse, pijn die waarschijnlijk komen gaat en waar ik niet aan zal kunnen ontsnappen.

“Je krijgt tien slagen,” zeg je me.
Het klinkt zo weinig, slechts tien, als je wel eens honderden of duizenden slagen, in een sessie, op je lichaam hebt voelen neerkomen. Ik weet echter beter. Het zijn vaak juist de kleine aantallen, die het moeilijkste zijn om te ondergaan. Zeker op die plek, waarvan jij ook weet, dat ik daar weinig kan hebben.
“Je telt mee en ik wil dat je me na elke slag bedankt,” vul je aan.
Mijn mond is zo droog, dat ik niet in staat ben om met woorden een reactie te vormen en dus knik ik slechts, ten teken dat ik je gehoord hebt. Dit keer neem je echter geen genoegen met mijn zwijgen.
“Heb je me gehoord, slet?” vraag je me streng.
“Ja, Meester,” antwoord ik zachtjes. Al doe ik mijn best om de woorden zo luid en duidelijk mogelijk uit te spreken.

Ik zie hoe je klaar gaat staan voor de eerste slag. Ik sluit mijn ogen en onbewust hou ik mijn adem in. Het moment tot de leren plak, voor de eerste keer neerkomt, lijkt een eeuwigheid te duren. Al zal het in de praktijk niet meer dan een enkele seconde zijn geweest. Ik voel de klap en gil het uit als ik de helse, brandende pijn door mijn kut voel trekken. Even geef ik mijzelf de tijd om op adem te komen. Om de moed te vinden om de woorden te spreken en daarna de volgende slag te ondergaan.
Ik haal diep adem en ik zeg zo luid mogelijk, “één, dank u, Meester.”
Goedkeurend knik je, waarna je me meteen de volgende slag toedient. Weer schreeuw ik van de godsgruwelijke pijn die jij mij toebrengt en wederom bedank ik je daarna voor wat je me aan doet. Bij de derde beginnen de tranen van de pijn me al in de ogen te springen en als ik na de vierde klap een paar seconde probeer te nemen om op adem te komen, vraag ik me af hoe ik dit moet gaan volhouden. Dus bikkel en vecht ik alleen maar harder om dit te kunnen ondergaan. Nog zes te gaan. Nog zes keer hel. Na de vijfde slag krijs ik het uit en beginnen de tranen langzaam over te gaan in een huilbui die niet meer lijkt te kunnen stoppen.
“vijf… dank u, Meester,” snik ik.
Meteen daarna nummer zes. Ik besef dat ik over de helft ben, maar toch lucht deze wetenschap me niet op. Ik zie namelijk niet het einde, maar enkel de vier slagen die nog komen gaat. Je merkt dat ik na elke slag meer tijd nodig, om op adem te komen en je maakt me duidelijk dat je dat zat begint te worden. Je dreigt dat als ik niet snel genoeg tel, er extra slagen zullen komen en dus let ik er op dat ik je, de volgende slagen, niet te lang laat wachten op mijn woorden. De zevende brengt net zo min opluchting en zonder te stoppen met huilen tel ik door, zoals je van me verwacht.
“Zeven, dank u, Meester.”
Na de achtste slag begin ik steeds meer in een bubbel van pijn te glijden. Ik bikkel niet meer en ik vecht steeds minder om het vol te houden. Langzaam worden de pijn en ik één en na de negende geef ik me er eindelijk aan over. Geef ik me over aan jou, mijn Meester, die mij de slagen toebrengt en aan de verzengende pijn die vanaf mijn kut door mijn hele lichaam is getrokken. Door mijn hele wezen. Mijn harde gehuil is gestopt en ik gil niet meer van de pijn. Er biggelen nog slechts geluidloze tranen over mijn wangen, als de laatste klap mijn kut raakt.
“10, dank u, Meester,” zucht ik slechts.

Na de laatste klap leg je de leren padle naast het bed en kom je bij me. Je maakt me los en innig geef je me een kus op mijn mond. Hoewel ik je terug wil kussen, ben ik er niet toe in staat. Ik ben weg, ver weg, in mijn eigen bubbel. Mijn bubbel van overgave en nagenot. Ik voel je warme knuffel, als je in bed tegen me aan komt liggen en hoewel ik er niet op kan reageren, geniet ik verschrikkelijk van je liefde en je aanrakingen.
“Ik hou van je, kleintje,” fluister je me in mijn oor, wetende dat ik de woorden kan verstaan en dat ze de bubbel waarin ik zit alleen maar mooier maken. Ze vormen een glimlach op mijn gezicht, waarna ik besef dat je de roze wolk van het begin van de avond bij mij hebt ingeruild voor een gevoel dat nog veel mooier is. Ik ben dankbaar dat ik dit mag voelen ondanks, of misschien wel dankzij, de angst en de pijn die ik ervoor moest ondergaan.

Edit: Hoewel er zeker wat overeenkomsten te vinden zijn tussen mij en marijn is het verhaal en de setting compleet fictie

Erotische schrijfmarathon: ronde 6

Het is weer zo ver. Nieuwe ronde, nieuwe kansen. De vorige keer had ik moeite met de opdracht en was ik niet compleet tevreden over mijn eigen inzending. Gelukkig wist ik wederom voldoende stemmen te behalen om weer een ronde verder te mogen.

Dit keer kregen we de volgende opdracht.

Ergens op een terrasje op een zomerse avond…
Maximale lengte: 750 woorden

Hoewel ik dit keer helemaal tevreden ben over mijn eigen inzending, is het uiteraard weer spannend. Vooral omdat het deelnemersveld inmiddels is uitgedund tot nog maar 5 schrijvers, wat de concurrentie alleen maar zwaarder maakt. Ik hoop daarom dat jullie allemaal weer onbewust op mij stemmen, zodat ik na deze week mij weer kan storten in de volgende schrijfopdracht.

Dus STEMMEN allemaal.

http://ewanederland.nl/category/schrijfmarathon/

Stemmen kan tot vrijdag 29 augustus 23.59.

Het verhaal van marijn: Uitgelaten

Dit kan ervaren worden als een vrij heftig verhaal en valt niet onder lichte erotiek of soft-sm. Dus lezen op eigen risico.

Het verhaal van dat ik eigenlijk had willen schrijven voor ronde 5 van de schrijfmarathon, als ik heel veel meer woorden had gehad :-p

Met een blinddoek ontneem je me mijn zicht en sluit je me voor een groot deel af van de wereld om mij heen. Ik kan alleen nog maar ruiken, horen en voelen. Je helpt me uit de lange jas die ik net nog in de auto droeg. Nu ben ik compleet naakt. Zelfs mijn schoenen mocht ik niet van je aan. Ik draag enkel een collar, waar jij nu ook een hondenriem aan bevestigt. Ik ril van het zachte briesje dat langs mijn lichaam waait. Zodra je echter een klein rukje aan de riem geeft, vergeet ik dat ik het koud heb, omdat ik weet dat het gaat beginnen. Even hou ik mijn adem in en durf ik geen stap te verzetten. Je besluit daarom nog een keer harder aan de lijn te trekken, als teken dat ik nu echt moet gaan lopen. Dat ik je dien te volgen en gehoorzamen, zoals een braaf teefje betaamd.

Voorzichtig zet ik mijn eerste stappen, achter je aan, het bos in. Ik voel hoe de takjes en bladeren kraken onder mijn voeten. Ik vertrouw je volledig, maar toch is het eng, om niet te kunnen zien waar ik loop. Ook je stem mis ik. Nadat we in de auto zijn gestapt, heb je geen woord meer tegen me gezegd en ook nu lijk je niet van plan te gaan oraten. Je laat me alleen merken dat je er nog bent, door regelmatig aan de riem te trekken. Zelfs als ik vloek, de paar keer dat ik bang ben te gaan struikelen, reageer niet. Ik weet dat je vlakbij bent, maar toch voel ik me eenzaam en alleen. Verstandelijk weet ik, dat dit precies is waarom je het doet, maar helaas veranderd dat mijn gevoel niet.

Ik weet niet hoe ver of hoe lang we al hebben gelopen, als je besluit eindelijk iets te zeggen en de stilte te doorbreken. Hoewel commanderen eigenlijk een beter woord is voor wat je doet.
“Op de knieën en kruipen teef.”
Meteen sta ik op scherp, klaar om te gehoorzamen. Ik voel hoe je de riem laat vieren en voorzichtig zak ik op mijn hurken, waarna ik eerst rustig mijn linkerhand neerzet. Een rilling trekt door mijn lijf, als ik iets glibberigs onder mijn hand voel zitten. Het vieze gevoel negerend zet ik ook mijn andere hand en vervolgens mijn knieën op de grond. Als je weer een rukje aan de riem geeft, begin ik langzaam te kruipen. Even ben ik blij dat ik mag kruipen. Nu hoef ik in elk geval niet meer bang te zijn om te vallen. Al snel voel ik echter de takken en steentjes, die op de grond liggen, prikken en snijden. Ik probeer de pijn te verbijten als ik merk hoe er langzaam schuurplekken en sneeën in mijn handen en knieën ontstaan. Ik ben echter te trots om te laten merken dat het zeer doet en dus kruip ik zwijgend achter je aan. Eerst neem je genoegen met een rustig tempo, maar al snel begin je steeds harder aan de riem te trekken. Het voelt voor mij alsof je op die manier nog meer mijn positie wilt benadrukken. Ik ben jouw eigendom, jouw teefje en ik dien jouw commando’s te volgen, ongeacht mijn eigen ongemakken. Ik doe mijn best om te gehoorzamen en jouw tempo bij te houden. Het wordt echter steeds moeilijker om de pijn te negeren. Zeker nu ook mijn spieren beginnen te protesteren, omdat ze niet gewend zijn zo lang op deze manier te bewegen. Ik begin te hijgen en te kreunen en te steunen. Lang heeft mijn trots, mijn wil het kunnen winnen van de pijn, maar inmiddels moet ik mij gewonnen geven. In stilte en in hoog tempo achter je aan kruipen, is iets waar ik niet toe in staat blijk. Ik weet echter dat ik van jou geen medelijden hoef te verwachten. Niet nu, niet op dit moment. Dit is waarvoor je het doet, mijn gevecht, mijn pijn, mijn lijden en ergens onbewust, ver weg, weet ik dat dit ook is waarom ik het doe. En dus kruip ik en lijd ik. Voor jou en voor mijzelf.

Het lijkt een eeuwigheid te duren, voordat je eindelijk besluit om halt te houden. Ik voel hoe mijn handen en knieën branden van de pijn en hoe mijn armen en benen trillen van vermoeidheid. Het liefst zou ik mijzelf nu, nog nahijgend van het kruipen, op de grond laten zakken om bij te komen. In plaats daarvan blijf ik echter keurig in de houding, met gestrekte rug, armen en benen. Ik vervloek de pijn in mijn lichaam en bid dat ik voldoende kracht heb om mijzelf overeind te blijven houden. Ik hoor hoe jij de rits van je broek open maakt en ik slik, omdat ik weet wat er komen gaat. Je pakt mijn haren stevig vast en trekt mijn hoofd ruw naar achteren, waarna je, je mond naar mijn oor brengt.
“Nu, zal ik je laten voelen hoe het is om als een echte teef genomen te worden,” sis je me toe.
Ik ril, niet van de kou, maar van de kilte in je stem, als je me toespreekt. Ik verbijt mijn tranen als je vervolgens mijn borsten stevig vast grijpt en je van achteren keihard in mij komt. Geen warme aanrakingen, geen genegenheid, enkel pijn als je me knijpt en me slaat, terwijl je steeds opnieuw keihard in me stoot. Ik vervloek mijzelf, dat dit is wat ik wil, dat ik hier zelf naar heb verlangd. Dat ik lijd, dat ik me gebruikt voel en er toch zo ontzettend nat van wordt. Ik weet dat dit is hoe ik werk, hoe mijn lichaam werkt, hoe mijn geest werkt, maar nu, op het moment zelf, vraag ik me af waarom.

Ik voel hoe je steeds harder in mijn borsten knijpt en hoe je nagels zich in mijn vlees beginnen te boren. Je begint steeds harder te hijgen en te kreunen, tot je eindelijk klaar komt. In plaats van mij een knuffel te geven, zoals je normaal zou doen, sta je op en hoor ik hoe je jezelf schoonmaakt. Terwijl ik probeer te luisteren wat je doet, begint de pijn in mijn lichaam, die was weggezakt toen je me neukte, weer van zich te laten horen. Het liefst wil ik je smeken of ik alsjeblieft in een andere houding mag gaan zitten, maar ik zwijg. Ik wil niet spreken, voordat jij hebt gesproken. Ik wil je ook nu, op het einde, niet laten merken dat ik het zwaar heb, daar ben ik wederom te trots voor. In mijn hoofd begin ik te tellen, mijzelf elke keer weer overhalend nog 10 tellen extra vol te houden. Bij 136 voel ik opeens je handen op mijn lichaam. Je armen omhelzen mij en je geeft me een knuffel, waarna je mijn blinddoek afdoet. Gewend aan het donkerte van de blinddoek, ben ik echter niet in staat om mijn ogen te openen. Je komt naast me zitten, pakt me vast en trekt me bij je opschoot. Waar ik een paar minuten geleden nog enkel kou en kilte van je voelde, voel ik nu slechts je warmte en liefde.

Zachtjes fluister je in mijn oor, “goed gedaan, teefje. Ik ben zo ontzettend trots op je.” Met die woorden beginnen de tranen over mijn wangen te vloeien. Het is voorbij. Ik kruip tegen je aan en mijn hele lichaam ontspant zich. Langzaam verschijnt er een grote glimlach op mijn gezicht. Ik geniet er van om, zo met jou, in deze bubbel te zitten en ik geniet nu al na, van de verschrikkelijk moeilijke en mooie ervaring die jij mij hebt gegeven. Met mijn ogen nog steeds dicht, zweef ik zo heerlijk weg in jouw armen.

Edit: Hoewel er zeker wat overeenkomsten te vinden zijn tussen mij en marijn is het verhaal en de setting compleet fictie

Lieve 16 jarige ik,

Lieve 16 jarige ik,

Ik zou willen dat je wist, wat ik nu weet. Dat je kon voelen, wat ik nu voel. Helaas je bent er nog niet klaar voor. Je bent er nog niet aan toe. Ik zie je en weet hoe moeilijk je het hebt. Je hebt wel wat vrienden, maar die wonen aan de andere kant van het land. Je ‘vrienden’ op school… Je ontdekt langzaam dat je enkel vrienden met ze bent, omdat zij vrienden met jou willen zijn. Een echte band, een echte klik heb je niet met ze. Op school doe je, je ding, maar je hoort nergens echt bij. Sommigen zullen je dat ook heel erg duidelijk maken, maar dat doen ze al jaren. Je wordt gepest, al jaren bij vlagen, maar het valt wel mee vind je, want anderen hebben het erger. Je voelt je anders en alleen.

Ook thuis voelt het niet veel beter. Je broer en zusje trekken naar elkaar toe en jij bent het buitenbeentje, de typische middelste, die er niet tussen past. Bij hen en bij je ouders durf je ook niet te laten zien wie je echt bent. Wat er in je omgaat. Vooral met je moeder is het moeilijk. Je hebt het gevoel dat je niet voldoet en nooit kunt voldoen aan hoe zij jou graag zou zien. Al heeft ze het nooit uitgesproken. Toch leek ze het je wel te laten merken, die keren dat je jezelf liet zien en ze je voor jouw gevoel de grond inboorde. Gewoon omdat je niet begreep. Je accepteert steeds meer dat jullie elkaar niet begrijpen, maar het voelt voor je alsof zij dat niet kan en nooit zal kunnen en dat doet pijn. Je vader is een softie… vind je, past zich aan, aan je moeder. Hij is de enige met wie je soms een beetje praat, als er toevallig, één keer in een jaar, een gesprek ontstaat. Maar eigenlijk doe jij niet veel anders, ook jij past je aan, omdat je weet hoe boos ze kan worden soms. Dus zwijg je, omdat je haar boosheid niet wilt voelen en laat je de rol van rebelse puber aan je broer.

Je voelt je eenzaam en alleen en noemt jezelf depressief, al is er vrijwel niemand die het weet. Niemand die weet, hoe slecht het met je gaat. Je zet een masker op en wilt het niemand laten merken en toch wens je dat iemand het ziet en het opmerkt. Pas later hoor je, dat je ouders het wel zagen, maar nooit heb je durven vragen, waarom ze niks zeiden. Je zou willen dat je, jezelf durfde te snijden en vind jezelf een schijtert, omdat je het niet durft. Soms wens je dat je anorexia hebt, zodat men dan uiteindelijk van buiten zou zien, hoe je, je van binnen voelt. En daarbij vind je, jezelf toch te dik. Maar voor niet eten, heb je ook al geen doorzettingsvermogen. De dood lijkt wel een mooie oplossing. Niet dat je zelfmoord durft te plegen, dat zou je niet kunnen. Maar je fantaseert over zo’n moment zoals je ziet in films. Een auto die met hoge snelheid op je afrijd en je hebt één seconde om weg te springen, en… je blijft staan. Je weet zeker dat je dan zou blijven staan. Het zou een ongeluk zijn en jij zou klaar zijn en weer opnieuw kunnen beginnen, want daar geloof je in. Een nieuw leven, een nieuw begin. Want dit leven, dat wordt hem toch niet meer. Je kunt je niet voorstellen ooit echt gelukkig te zijn. Je ooit echt ergens thuis te voelen en jezelf te kunnen zijn. Daarbij je hebt het lef niet om te leven. Je durft de stap niet te zetten er zelf iets aan te veranderen. Hoewel durven, je weet niet eens hoe. En als je het nu al niet weet, hoe zou je het dan ooit moeten weten? Je wilt niet langer eenzaam, verdrietig en ongelukkig zijn.

Lieve 16 jarige ik. Ik ken je pijn, je verdriet, je eenzaamheid en je muren. Ik ken ze van dichtbij en maar al te goed. Ik zou nu tegen je kunnen zeggen dat het beter wordt en dat het goed komt, maar je zult me niet geloven. Daar ben je te eigenwijs voor. Ik lieg en dat zal heus wel zijn voor je eigen best wil, maar ik lieg, dat weet je zeker. Maar lieverd, lieve ik, ik lieg niet. Het wordt beter en het komt goed, dat beloof ik je. En als je het niet geloofd, zal ik je een plaatje schetsen. Een plaatje om de komende jaren vast te houden, zodat je zult zien dat ik niet lieg en dat het echt beter wordt. Ik zal eerlijk zijn en het plaatje niet mooier maken dan het is, maar ik beloof je dat je toekomst mooi wordt.

Nog even en je zult een vriendje krijgen. Achteraf zul je, je soms af vragen, wat je dacht, aangezien je later zult merken dat je op hele andere types valt. Toch, zal hij je goed doen. Hij zal je goed doen, doordat je voor het eerst weer een beetje liefde zult voelen. Toch zal je middelbare schooltijd nog even zwaar zijn, maar als je gaat studeren wordt het al beter. Je vind er misschien geen echte vrienden buiten je studie, maar je zult er voor het eerst leren dat mensen je leuk vinden als je, jezelf bent. Dat mensen je niet raarder vinden, dan anderen en dat ze oprecht graag met je omgaan. Toch zal het nog duren voordat je minder onzeker wordt. Hoe leuk je, je studie ook vind. Je blijft het gevoel houden dat je ‘net’ niet bent. Niet slecht, maar ook net niet echt goed genoeg. Ik beloof je echter, dat je dat zult gaan leren. Dat je zult ontdekken dat je wel mooi bent en dat je wel goed genoeg bent, zoals je bent. Met je moeder blijft het nog steeds ingewikkeld. Je zwijgt of past je aan, tot één keer per jaar de boel knapt en jullie knetterende ruzie hebben. Maar ook dat wordt uiteindelijk beter.

Na je afstuderen voel je, je trots. Dat heb je toch maar mooi gedaan. Je hebt een scriptie geschreven over een moeilijk onderwerp en er een goed cijfer voor gehaald. Het wordt tijd voor een nieuwe fase in je leven, maar werk zoeken blijkt moeilijk. En dan doe je iets wat je nooit had gedurfd. Terwijl je al sinds je 16e weet dat je die kant hebt. Je spreekt af, door hem overgehaald, met de man die uiteindelijk je eerste D wordt. Ondanks dat het een moeilijke en soms ingewikkelde tijd is, is het ook fijn en zul je een hoop over jezelf leren. Lessen en ontdekkingen die de pijn aan het einde een heel klein beetje compenseren. Toch brengt een einde ook een nieuw begin. Je zult de bdsm-scene ontdekken. Je eerste munch is als thuiskomen. Bij hen, in dat wereldje, zul je een plek vinden waar je thuis hoort. Je bent 24 en door die, hele enge, stap te zetten, begin je nu eindelijk te leven. Je zult zoveel lieve fijne en bijzondere mensen ontmoeten. Te veel om op te noemen. Je zult vrienden maken, meer dan je ooit had verwacht. Vrienden bij wie je compleet en op elk gebied jezelf mag en kunt zijn. Maar hoewel je zelf inmiddels tot de conclusie komt dat je toch best wel leuk bent, blijft het moeilijk en vreemd te geloven dat anderen het daar mee eens zijn. Je zult leren en groeien als mens, je zelf steeds meer en beter ontdekken en bovenal ga je genieten. En je zult verschillende vormen van liefde ontdekken. Inmiddels ben je aan het werk in je eerste baan en uiteindelijk ga je ook het huis uit. De ruimte en afstand van je ouders, zullen je goed doen.

Je zult denken dat je er al bent, toch zul je nog een keer flink instorten, eind 2013. Je muren en je eenzaamheid, blijken je ook in deze fijne wereld steeds weer te vinden. Zijn misschien nooit helemaal weggeweest. Je angsten en onzekerheden, zijn nog niet zo ver weg als je denkt. Ik weet dat het moeilijk klinkt, maar het zal je goed doen. Gek genoeg, overkomt daarmee je iets heel goeds. Je bent alweer te lang werkloos, maar nu heb je wel de tijd om er aan te werken. Niet alleen de tijd, je hebt de mensen om je heen, die je nodig hebt om hier weer uit te komen. Mooier en gelukkiger dan je ooit was. Je zult ontdekken, dat je er misschien nooit helemaal zult zijn, maar dat, dat niet erg is. Het mooiste van ergens komen is namelijk misschien wel de reis er naar toe. Je zult leren om je eigen pijn en verdriet niet meer te bagatelliseren, al denk je dat anderen het vast erger zullen hebben. Jouw pijn, heeft ook bestaansrecht. Al blijft om hulp vragen lastig, omdat je een ander niet tot last wilt zijn, maar dat leer je vast nog wel.

Voor het eerst zul voelen wat het is om compleet van je zelf houden. Je zult ontdekken dat je goed genoeg bent, zoals je bent. Je zult leren beseffen dat je niet perfect kunt en hoeft te zijn. Dat je fouten mag maken en dat je daarvan alleen maar leert. Je gevoel zal misschien nog af en toe roet in het eten gooien, je onzekerheid zal ook misschien altijd wel een beetje blijven, maar inmiddels weet je en geloof je dat die niet terecht is. Je zult leren dat al je verschillende kanten mooi zijn en bij je horen en de ruimte nodig hebben. Dat weet je nu. Je zult ontdekken dat je al compleet en goed bent, zoals je bent. Dat jij er mag zijn, gewoon omdat jij, jij bent.

In de zomer van 2014 ben je er misschien nog niet, heb je nog veel te leren en te groeien, maar het zal voelen alsof de wereld je toe lacht. Door te werken aan jezelf gaat het contact met je ouders weer beter en je kunt er eindelijk van genieten als je bij hen bent. Je zult weer een baan krijgen en uitzien naar de uitdagingen die het je brengt. Je bdsm-ontwikkelingen zullen verder gaan en je gaat houden van de slavin in jezelf. Je leert genieten van je seksualiteit en beseft dat je gewoon een slet bent, bijna klaar om uit te breken. Je zult je op en top vrouw gaan voelen en genieten van die kracht en energie in je. De ontwikkeling van meisje naar complete vrouw is ingezet en niet meer te stoppen. Je zult van het lelijke eendje in een mooie zwaan veranderen. Je hebt er alleen wat geduld met en liefde voor jezelf voor nodig, maar ook dat heb je het laatste half jaar geleerd. Dus uiteindelijk zul je veranderen in een prachtige zwaan. Je bent er misschien nog niet, maar jij komt er wel.

Ik had je beloofd eerlijk te zijn, lieve 16 jarige ik, en zoals je hebt kunnen lezen zal het zeker niet altijd makkelijk voor je zijn. Je zult nu waarschijnlijk vooral denken dat het allemaal nog veel te lang zal duren. Je bent namelijk een ongeduldje, dat weet ik. Ik hoop echter dat je gaat geloven dat het goed komt. Ik weet namelijk dat, dat zo is. Ik ben per slot van rekening het bewijs 😉

Veel liefde en dikke knuffels,
Je 27 jarige ik,
Een prachtige zwaan in wording

Hoe noem je dat gevoel?

Ken je dat? Dat je een heftig en intens spel hebt. Dat je lijd met een hele lange ij en je wordt gevraagd hoe het met je gaat. Hoe je, je voelt. Hoe je het ervaart.

Ik wil dan zeggen kut en zwaar en moeilijk en pijnlijk. Ik sta het echt niet leuk te hebben hoor. Het is niet fijn en ik sta niet te genieten. Alles behalve dat. En ik vecht, vecht om het vol te houden. Om te kunnen lijden, maar lijden dat is het en als ik lijd, dan voel ik geen genot.

Maar toch, wil ik dit. Verlang ik hier naar. Ergens onder de oppervlakte van pijn en lijden, komt er juist een heel ander antwoord naar boven. Ja, dit is fijn. Ja, dit is heerlijk. Ja, ik geniet. Ik wil meer en harder en gemener. Ik wil dat je het me moeilijk maakt. Ik wil niet vechten. Ik wil me overgeven en zweven. Ja, ik lijd, maar juist daarom geniet ik.

Wat zeg je, als je wordt gevraagd wat je voelt. Als je bewustzijn luid haar antwoord schreeuwt en je onderbewuste zacht een ander antwoord fluisterd. Hoe omschrijf je die tegenstrijdige gevoelens en emoties. Hoe noem je de samenvatting van al dit gevoel, waar geen woord voor bestaat?

Dus val ik stil en geef geen antwoord, of luister slechts naar de luidste stem, die van mijn bewustzijn. Omdat ik geen woord ken dat beide kanten in één keer omschrijft. Omdat er geen woord is dat voor mij de hele lading dekt.

En dus vraag ik me af, hoe ik dit zou kunnen noemen. Als ik er zelf een woord voor mag zoeken. Ik verzin graag nieuwe woorden en begrippen om nieuwe en andere dingen te kunnen zeggen.
Maar helaas, dit keer vind ik geen woord. Geen antwoord, op mijn vraagstuk.